Zoeken

Open badges

Naam # Badges
Tester 2

Zie volledige lijst



Transcriptieregels

  • Bij versregels dient de opdeling in verzen behouden te blijven, bij prozatekst wordt er in de transcriptie geen rekening gehouden met de originele indeling.
    Indien de verzen in twee of meer kolommen opgeschreven zijn, dan wordt er boven de eerste kolom <a> toegevoegd (gevolgd door een blanco regel), boven de tweede kolom <b> enz.
    Indien nodig worden speciale tekens toegevoegd, zoals het paragraafteken <¶> en het semi-paragraafteken <§>. Beide tekens zijn terug te vinden via de werkbalk boven het transcriptievak.
  • Woorden worden aan elkaar geschreven volgens de moderne wijze, bv. <in car ce re> wordt <in carcere>. Eventueel worden afkappingstekens toegevoegd zoals in <L'amant>. Ook woorden die gesplitst worden op het einde van een regel, met of zonder aanduiding van de splitsing in het handschrift, worden aan elkaar geschreven. Indien een gesplitst woord op het einde van een pagina staat, dan worden enkel de letters die op deze pagina staan overgenomen, gevolgd door #. Op de volgende pagina begint het eerste woord dan met #.
  • Hoofdletters en eventuele leestekens blijven behouden. Er worden geen hoofdletters toegevoegd, bv. <ihesus> blijft zonder hoofdletter. Initialen in de tekst worden aangeduid in het vet en cursief, lombardes in het vet.
  • Cijfers worden overgenomen zoals in het handschrift. Er gebeurt dus geen omzetting van Romeinse cijfers naar Arabische (of omgekeerd). Wanneer in het handschrift een cijfer wordt voorafgegaan en/of gevolgd door een punt, dan worden deze tekens mee overgenomen.
  • De letters <u> en <v> dienen van elkaar onderscheiden te worden volgens de moderne schrijfwijze, bv. <invidia> en niet <inuidia>. De letter <i> wordt niet omgezet naar <j>  in de Latijnse teksten, bv. <iam> en niet <jam>, maar indien nodig wel in de Nederlandse en Franse teksten: <jaer> en niet <iaer> of <je> en niet <ie>.
  • De afkortingen worden opgelost, en aangeduid in het cursief. Dit kan via de werkbalk bovenaan het transcriptievak. De ampersand <&> wordt wel behouden. Voor hulp bij het oplossen van afkortingen kun je terecht bij de onlineversie van de Dizionario di abbreviature latine ed italiane van A. Cappelli. Ook voor andere volkstalen is dit een nuttig referentiewerk. Voor het Middelfrans kan men ook het overzicht raadplegen van de Ecole nationale des Chartes.
  • Titels in de tekst worden in het vet gezet in de transcriptie. Dit geldt ook voor rubrieken. Onderstreepte termen worden ook onderstreept in de transcriptie, doorstreepte termen worden ook doorstreept in de transcriptie. Ook onderschrift en bovenschrift (bv. bij cijfers) blijven behouden. Zowel onderstrepen, doorstrepen, onder- en bovenschrift aanbrengen als vet zetten kan via de werkbalk.
  • Toevoegingen tussen de regels worden aangeduid met \ /, gelijkaardige toevoegingen in de marge met \\ //. Dit geldt ook voor correcties voor doorstreepte termen, bv. <homines \mulieres/> waarbij <mulieres> een interlineaire verbetering is voor de doorstreepte term <homines> .
  • Bij twijfel wordt er een vraagteken toegevoegd: <c (?)>.
  • Volledig onleesbare termen worden aangeduid met […], waarbij er per woord een nieuwe […] wordt toegevoegd. Indien een volledige regel onleesbaar is, dan volstaat het 1x [...] te zetten. Indien een deel van een woord onleesbaar is, dan wordt ook […] gebruikt, waarbij de wel leesbare letters zonder spaties aan […] worden toegevoegd, bv. <a[...]tas>. Doorstreepte onleesbare termen worden aangeduid met […]. Indien je zelf onleesbare of verdwenen tekens kan toevoegen, dan vermeld je die ook met [ ], bv. ged[a]cht.
  • Indien de tekst illustraties bevat, dan wordt dat in de transcriptie aangeduid met de aanduidingen [volbladminiatuur], [halfbladminiatuur], [gehistorieerde initiaal] of [toegevoegde gravure]. Verdere uitleg is niet nodig, omdat de beschrijving van het handschrift reeds de beschrijving van de illustraties bevat.